Kennis opdoen van vakgenoten – wat ik onder meer leerde

Ik heb e.e.a. aan leermomenten van de bijeenkomst natuurlijk opgeschreven in mijn notitieboekje. Ik deel ze hieronder. Let op: kan goed zijn dat ik niet alles volledig heb onthouden of heb genoteerd.. Maar geeft je vast een leuke indruk.

Content onthouden en ernaar handelen

Uit onderzoek met elektroden blijkt dat veel klanten slaap-hersengolven uitstralen als ze content lezen. Niet goed, je moet ze activeren. Je wilt activerende hersengolven zien.

Je moet ze niet de hele tijd activeren. Eerst een tijdje simpele content aanbieden en dan opeens iets waar ze over moeten nadenken. Wissel ook abstract en concreet met elkaar af.

Je hoeft niet alles voor te kauwen. Stel een vraag, zodat ze zelf gaan nadenken.

Klanten krijgen zo veel informatie tot zich. Help hen om orde in de chaos te brengen. Dan blijft de boodschap beter onthouden.

Maak het de klant gemakkelijk om de info te vinden. Mensen denken liever niet na, dan dat ze het wel doen.

Voorkom dat de content die je plaatst hetzelfde is als van je concurrenten. Als je je niet onderscheidt, kiezen klanten voor het vertrouwde merk. Dus het vertrouwde merk profiteert van jouw content.

Als je een toffe en humoristische reclame hebt gemaakt, zorg dat klanten dit koppelen aan het bedrijf. Je kunt in je bedrijf aan sourcememory doen, door bijvoorbeeld huisstijl en type afbeelding.

Storytelling – vertel een goed verhaal

Een verhaal bestaat uit een aantal gerelateerde dramatische gebeurtenissen die richting hebben.

Voorwaarden van goed verhaal:

  • Zonder conflict geen drama en zonder drama geen conflict.
  • Ontlok emotie
  • Het verhaal geeft richting – doe je door bijvoorbeeld elke zin te beginnen met daarom of maar. Zo krijg je een verband tussen de zinnen.

Voldoet je tekst niet aan de voorwaarden? Dan is het een anekdote.

Als je iets wilt uitleggen, moet je gewoon informeren. Denk goed wanneer je het verhaal wel of niet wilt inzetten.

De kwaliteit van content meten

Niet alleen kijken naar bounce rate en bezoekersaantallen. Een hoge bouncerate kan ook aantonen dat mensen goed geholpen zijn en daarom de pagina verlaten. En is een laag bezoekersaantal per se slecht? Niet als je inzet op een niche in de markt.

Je kunt zelf een tool ontwikkelen, die de kwaliteit van content meet. Op basis van bijvoorbeeld schrijfstijl, seo en toegankelijkheid. Er zijn ook veel gratis en betaalde tools in de markt die je helpen de kwaliteit te bewaken.

Natuurlijk is gebruikersonderzoek of A-B-testen ook een belangrijke manier om contentkwaliteit te meten.

Content als kostenpost?

Bij veel organisaties ziet de directie content als een kostenpost. Hoe kun je de waarde van content meten? Bij non-profitorganisaties is de website puur erop gericht om telefoontjes aan de klantenservice te ondervangen. Stel dat de website er niet was, hoe groot zou de klantenservice dan wel niet moeten zijn.

Brieven van overheidsorganisatie herschrijven naar taalniveau B1

Is er veel weerstand bij de eigenaren van brieven om teksten te versimpelen? Dan moet je de noodzaak aantonen, door bij de doelgroep langs te gaan. Vraag doelgroep met merkstift de woorden te arceren die ze niet begrijpen. Zo kweek je bewustwording bij de eigenaren van de brieven. Haal de doelgroep naar binnen.

Als je in gesprek bent met doelgroep, leg uit dat je doel is dat jij ervan leert. Dat je niet de taalvaardigheid gaat testen van de doelgroep. Ze schamen zich soms ook best. Dus benader ze rustig en vriendelijk.

Sommige woorden blijken toch lastig, zoals schulden, huurachterstand. Zeg ook ‘kunt u een nieuwe afspraak maken’ ipv ‘kunt u de afspraak verplaatsen’. Mensen denken dan dat je naar een andere locatie wilt uitwijken.

Je kunt trucjes toepassen. Zet bijvoorbeeld ‘besluit’ neer met tussen haakjes ‘beschikking’. Of je zet onder de brief ‘De wet blabla is toegepast bij dit besluit’. Soms moeten bepaalde dingen nou eenmaal in de brief genoemd worden. Moeten wil je misschien liever niet gebruiken. ‘Dit is verplicht’ kun je dan zeggen.

In een groepje dezelfde brief redigeren. Bij elkaar komen om samen tot 1 brief te komen.

Zo werk je samen met de inhoudelijk deskundige

Je bent als webredacteur ingehuurd om een nieuw online dossier aan te maken op een website. Of is het je taak om de bestaande pagina’s te actualiseren en op te frissen? Ga je nieuwsberichten of blogs schrijven? Werk aan de bakker. Maar je klaart de klus niet alleen. Je werkt samen met een of meerdere inhoudelijk deskundigen. Denk hierbij aan beleidsmedewerkers / adviseurs / juristen / afdelingshoofden / producteigenaren / oprichters. Zij leveren (als je gelukt hebt) basisteksten aan die jij redigeert tot een heldere webtekst. En zij doen tot slot de inhoudelijke check van je webtekst. Hoe werk je nu het best samen met deze immer drukke inhoudelijk deskundigen? Lees hier mijn tips en ervaringen.
Lees verder Zo werk je samen met de inhoudelijk deskundige

Ik morrel, jij morrelt, wij morrelen aan elkaars teksten

Vooruit, morrel
Doe je wel voorzichtig met mijn teksten? (foto: Pixabay)

Het hoort bij je werk: teksten geschikt maken voor het web. Je krijgt basisteksten aangeleverd en hiermee ga je aan de slag. En dan volgt tot slot de inhoudelijke check. Tijdens het redigeren zorg ik dat de wijzigingen zichtbaar zijn. Dan weet de inhoudelijk deskundige tenminste wat je met zijn tekst hebt gedaan. En begrijpelijk, het doet best wel eens pijn als iemand je tekst redigeert. Ik weet hoe het voelt. Ook aan mijn teksten wordt wel eens geklust. Door één iemand. En soms ook door 2 personen, tegelijk… Mmm, dat laatste is sowieso niet handig.

Lees verder Ik morrel, jij morrelt, wij morrelen aan elkaars teksten

Aardige webredacteur zoekt werk

Bestaat er een haargroeimiddel om haar op mijn tanden te krijgen? Of een eelt-transplantatie zodat ik harder met mijn vuist op de tafel kan slaan? Of zal ik toch maar draculatanden aanschaffen zodat ik beter van mezelf kan afbijten. Hmm, nee doe mij dan toch maar liever een blok beton. Ben ik lekker stevig naar de stakeholders toe. Als aardige webredacteur is bovenstaande feedback soms moeilijk te verkroppen. Gewoon omdat je met aardig zijn bij je vorige klussen je werk toch goed hebt kunnen doen.

Lees verder Aardige webredacteur zoekt werk

Mijn ontembare drang om informatie te delen..

Soms, vaak in de trein, ga ik mijmeren over internet en over alle informatie die ik wil delen. De leukste dingen om met kinderen te doen in mijn woonplaats. Of allerhande weetjes, bijvoorbeeld hoe je de hik kwijt raakt of het beste water uit je oor krijgt na het zwemmen. Of jeugdsentiment, foto’s van Sporthuis Centrum of jeugdseries.
Lees verder Mijn ontembare drang om informatie te delen..

Advocaten van de duivel en doemdenkers: hoe ga je ermee om?

De websites en/of intranetsites van organisaties zijn soms zorgenkindjes. In ieder geval die indruk krijg je soms als je met medewerkers van de organisatie spreekt. Soms hebben ze een punt, andere keren denk ik: niet zo doemdenken! Hier volgen een paar veel gehoorde opmerkingen en situaties, met uitleg hoe je er mee om kunt gaan.

Lees verder Advocaten van de duivel en doemdenkers: hoe ga je ermee om?

De pijn van het offline zetten

Soms doet het pijn als ik pagina’s depubliceer. Het gaat dan bijvoorbeeld om pagina’s van evenementen die voorbij zijn. Bij de aankondiging van het evenement maak je naast pagina’s met praktische informatie ook pagina’s met interessante algemene informatie die een langere houdbaarheidsdatum hebben. Zoals een tekst waarin de deelnemers van een tentoonstelling worden voorgesteld, compleet met foto’s en weetjes. Is het evenement voorbij? Depubliceren maar. Au?

Lees verder De pijn van het offline zetten

Taboe in het vak: spel- en tikfouten

Rode wangetjes, dat krijg ik als ik er achter kom dat ik een tikfout heb gemaakt. Marecepijn of mananagement, dat gebeurt iedereen wel eens. Soms ontstaan zo grappige woorden en kun je om je fouten lachen. Zo stond in mijn scriptie een freudiaanse vertyping; in een tussenkopje gebruikte ik het woord vakantie in plaats van relevantie.

Lees verder Taboe in het vak: spel- en tikfouten